Nee, niet iedereen heeft tegenwoordig ADHD en autisme
"Iedereen heeft tegenwoordig ADHD en autisme" – een uitspraak die je vaker hoort met de suggestie dat deze stoornissen een 'hype' zouden zijn. Maar is dat wel zo?
Je komt het steeds vaker tegen: mensen met ADHD of autisme. De kans dat je iemand kent met een van deze stoornissen (of beide) is steeds groter. En met de opkomst van social media wordt die kans nog groter; ADHD en autisme-content is werkelijk overal.
De vraag of autisme en ADHD niet ‘overgediagnosticeerd’ worden is dan ook een die vaak gesteld wordt. Want als ‘iedereen het heeft’ is het dan nog wel een stoornis? ADHD en autisme worden door veel mensen als een ‘socialmediastoornis’ gelabeld en worden neergezet als een ‘hype’. Iets wat alleen bestaat omdat het op dit moment populair is.
Maar wanneer je alle factoren naast elkaar zet, blijkt er toch iets anders aan de hand. En nee, dat komt niet door paracetamol.
Dit is waarom ‘iedereen tegenwoordig ADHD en autisme heeft’.
Wat zijn adhd en autisme precies?
Goed om mee te beginnen: wat zijn autisme en ADHD nu precies? Zowel Attention-Deficit/Hyperactivity Disorder als autisme zijn een neurobiologische ontwikkelingsstoornis waarbij een afwijking ervoor zorgt dat de hersenen anders functioneren dan het ‘standaard’ brein. Dit wordt neurodivergentie genoemd. ADHD en autisme zijn een vorm van neurodivergentie maar onder dit label bestaan nog andere stoornissen. Zoals dyslexie, bipolaire stoornis, Tourette, etc.
Autisme en ADHD zijn informatieverwerkingsstoornissen. Dit betekent dat informatie die binnenkomt in het brein op andere manieren verwerkt wordt. Hierdoor kunnen de symptomen van mensen met dezelfde stoornis ook verschillen; de input komt binnen, maar wat elk individueel brein daarmee doet verschilt per persoon.
Hierdoor bestaan er ook verschillende uitingsvormen van autisme en ADHD. Niet alleen op het gebied van de vastgestelde vormen van autisme en ADHD, zoals de ADHD-types of de niveaus van autisme, maar ook binnen deze verschillende groepen.
Dit is waarom beide stoornissen een spectrum zijn. Voor de diagnose van deze stoornissen wordt dan ook gebruik gemaakt van symptoomgroepen in plaats van strakke richtlijnen waar een cliënt aan moet voldoen.
Kortom: elke persoon met ADHD of autisme is anders en wordt in meer of mindere mate belemmert door zijn symptomen.
Zowel autisme als ADHD zijn erfelijk en de kans op de stoornis bij kinderen wordt dan ook groter als eens van de ouders de stoornis ook heeft.
autisme en adhd zijn jonge diagnoses
De diagnoses ADHD en autisme zijn jong. Hoewel de symptomen van ADHD al in 1902 werden beschreven, werd het pas in 1980 opgenomen in de DSM III; de classificatie die professionals gebruiken om diagnoses en criteria vast te leggen en behandelingen te kiezen.
Voor autisme geldt hetzelfde; de stoornis werd al in het begin van de 20e eeuw voor het eerst beschreven maar werd pas in 1980 in de DSM opgenomen als officiële stoornis. Voor die tijd werden mensen met autisme en ADHD wel gedifferentieerd, maar dan vaak als onderdeel van een andere stoornis. Zoals schizofrenie of psychopathie.
En dit viel onder de algemene noemer ‘psychiatrische patiënten’; mensen die door de maatschappij weggestopt werden in ‘krankzinnigengestichten’ waar een groot deel van hen bleef tot ze dood gingen. Deze gestichten bestonden nog tot het einde van de 20e eeuw – helemaal niet zo lang geleden.
Hoewel er toen dus nog geen onderscheid werd gemaakt in de vorm van de labels autisme en ADHD, zijn de symptomen van de stoornis niet nieuw. Er waren gewoon nog geen woorden voor. Dus wanneer iemand zegt dat er in ‘zijn tijd’ nog amper autisme en ADHD was, dan klopt dat deels: autisten en ADHD’ers bestonden al maar werden nog niet zo genoemd.
De definitie van adhd en autisme wordt volledig
Dat betekent ook dat de kennis over deze specifieke stoornissen nog relatief onderontwikkeld is. Immers: de diagnoses bestaan nog maar zo’n 40 jaar. Het is dan ook niet gek dat er eerst nog veel onduidelijkheid bestond over hoe deze stoornissen tot uiting kwamen, hoe de symptomen er precies uitzagen en welke criteria hiervoor opgesteld moesten worden.
En dat de stoornissen op dat moment ook zeldzaam waren.
De diagnoses autisme en ADHD zijn door de jaren heen dan ook behoorlijk veranderd. Dit betekent dat onderzoek en meer kennis over de stoornissen ervoor zorgt dat niet alleen de diagnose zelf veranderd, maar ook de criteria waar een cliënt aan moet voldoen om gediagnosticeerd te worden. Criteria die worden opgesteld aan de hand van onderzoek naar de stoornissen.
Dit zorgt ervoor dat de hoeveelheid kinderen en volwassenen met ADHD en autisme flink aan het stijgen is; meer onderzoek naar de stoornis zorgt dat het beeld van de stoornis vollediger wordt en de richtlijnen aangepast kunnen worden. Hierdoor wordt de definitie van de stoornis breder en vallen er dus meer mensen onder dat ‘label’.
Dat is ook de reden dat verschillende mensen van boven de 40 nu pas een diagnose krijgen; toen zij kind waren, was de definitie van autisme en ADHD veel minder volledig.
Klinisch Neuropsycholoog Brian Coyne Kavanaugh vertelt Brown University: “deze kinderen werden door de volwassenen in hun omgeving met denigrerende termen aangesproken, kregen de schuld van hun symptomen en werden daarvoor gestraft, en kregen geen behandelingen aangeboden die hen hadden kunnen helpen.”
ADHD en autisme: jongensstoornissen
Maar ook de demografie van de stoornissen is veranderd. En dat komt omdat de diagnose voor vrouwen en meisjes toegenomen is; een groep die vroeger bijna nooit gediagnosticeerd werd met autisme.
Autisme en ADHD zijn jarenlang jongensstoornissen geweest. Autisme werd vroeger zelfs beschreven als een ‘extreem mannelijk brein’ – het tegenovergestelde van een ‘empatisch brein’.
En nog steeds worden deze diagnoses vaker gesteld bij jongens dan bij meisjes. In Nederland liggen die aantallen behoorlijk ver uit elkaar (ADHD: 6,1% tegenover 3,2%). En ook bij autisme wordt de diagnose vaker bij jongens gesteld dan bij meisjes; 4,1 op 1. Opvallend is dat dit verschil voor zowel autisme als ADHD veel kleiner is bij volwassenen. Vrouwen en mannen hebben even vaak autisme of ADHD.
Groeien die jongens over hun stoornis heen wanneer ze ouder worden? Dat kan; ADHD of autisme hoeft niet in elke levensfase of omgeving als beperkend te worden ervaren. Maar de kans dat autisme en ADHD ondergediagnosticeerd waren bij meisjes (of rustige jongens) is groter.
De kans op maskeren – het verbergen van symptomen – is bij vrouwen namelijk ook hoger. In een maatschappij die vrouwen en meisjes waardeert op hoe rustig, vriendelijk, lief en goedgemanierd ze zijn, kunnen stoornissen als autisme en ADHD onopgemerkt blijven tot het op latere leeftijd compleet misloopt. Psychiater Lisa MacLean vertelt Henry Ford Health: “Vrouwen zijn goed in het verbergen van hun worstelingen”, zegt dr. MacLean. “En ze passen strategieën toe – zoals tot laat in de avond doorwerken om bij te blijven – om dat te compenseren.”
Vrouwen en meisjes met ongediagnosticeerd autisme of ADHD lopen dan ook meer risico depressies te krijgen, eetstoornissen of angststoornissen.
De hogere prevalentie van deze stoornissen is dus eigenlijk een correctie. Niet een “hype”, maar het rechtzetten van een onderdiagnose – en het voorkomen van problemen op latere leeftijd.
De samenleving geeft klachten
Daarnaast speelt de maatschappij een grote rol bij de mate waarin autisme of ADHD als beperkend wordt ervaren. Verschillende experts zeggen dat onze huidige maatschappij een maatschappij is die totaal niet ADHD- of autismeproof is. Overal zijn prikkels, afleiding en er wordt steeds meer van onze spanningsbogen gevraagd.
Dat betekent niet dat mensen die in een perfecte omgeving wonen geen autisme of ADHD hebben. Maar het betekent wel dat iemand die in een prikkelarme omgeving relatief weinig last heeft van zijn stoornis, opeens veel meer last kan krijgen wanneer die omgeving veel stimulerender wordt.
De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie beschrijft dit als volgt: “Onze samenleving biedt een minder gezonde omgeving. Een prikkelrijke omgeving waar voortdurend afleiding geboden wordt, is een ramp voor mensen die druk in het hoofd, impulsief zijn of moeite hebben zich goed te concentreren. De toename van diagnoses is dus een weerspiegeling van maatschappelijke ontwikkelingen”.
Dat betekent dus niet dat bepaalde mensen ‘ziek’ worden door de omgeving, maar wel dat het steeds moeilijker wordt voor neurodivergente personen om mee te komen in de maatschappij.
En zolang de druk op productiviteit blijft toenemen, zal het aantal mensen dat niet meer mee kan komen waarschijnlijk ook blijven stijgen.
Social media maakt adhd en autisme 'normaal'
Dan is er nog het social media-aspect. Veel mensen denken dat de hoeveelheid content rond ADHD en autisme ervoor zorgt dat mensen een stoornis aangepraat wordt. Maar is dat wel zo?
Hoewel we als maatschappij flinke stappen gezet hebben, zijn de stigma’s rond bepaalde stoornissen en ziektes nog steeds in onze maatschappij aanwezig en zijn veel mensen bang om niet ‘normaal’ te zijn.
Dat is ook niet zo gek als je je bedenkt dat het nog niet heel lang geleden is dat mensen in gestichten gestopt werden en dat zo’n honderd jaar geleden, tijdens de Tweede Wereldoorlog, lichamelijke gehandicapten, chronisch zieken en mensen met een stoornis vervolgd en vermoord werden door de nazi’s.
Een bekend voorbeeld hiervan is Hans Asperger, een arts die autistische kinderen tot de dood veroordeelde. In die tijd was ‘anders’ zijn, en niet in de maatschappij meekomen, levensgevaarlijk.
Dat beïnvloed nog steeds de ideeën en gevoelens die we als maatschappij hebben over mentale problemen; ‘raar’ zijn is nog steeds iets wat veel mensen niet durven te delen. Experts stellen dan ook dat de toename in zichtbare autistische mensen of mensen met ADHD niet slecht is maar juist helpt met het doorbreken van dat stigma.
Door de hoeveelheid content over bepaalde stoornissen, zullen mensen die eerder het gevoel hadden ‘raar’ te zijn, misschien sneller naar een dokter stappen om een diagnose te krijgen. En dat zou uiteindelijk alleen maar goed kunnen zijn.
'overdiagnose' is niet het probleem
De toename in de hoeveelheid autisme- en ADHD-diagnoses is dus te verklaren vanuit verschillende hoeken. En natuurlijk bestaat er desinformatie op het internet – zoals dat met alle onderwerpen bestaat. Je kunt inderdaad binnen vijf minuten een autisme- of ADHD-diagnose krijgen via een Buzzfeed-quiz.
Maar dat is niet zo’n groot probleem als mensen die het hebben over de kosten van overdiagnose het doen lijken. In Nederland wordt autisme- en ADHD-zorg zoals therapie, medicatie of begeleiding namelijk alleen vergoed met een officiële diagnose van een gecontracteerde professional.
En die deelt TikTok of Buzzfeed nog niet uit.
Iets waar we ons als maatschappij beter druk om kunnen maken, is zorgen dat de richtlijn, de zorg en de begeleiding met betrekking tot autisme en ADHD nog inclusiever wordt om ook geracialiseerde kinderen en volwassenen – een groep die nog steeds ondergediagnosticeerd is – nodige zorg te kunnen bieden.
En dat de groei in de hoeveelheid mensen met autisme niveau 1 of ADHD’ers die relatief ‘goed’ functioneren, niet de zorg en aandacht voor de mensen met autisme niveau 2 en 3 of andere ADHD’ers wegneemt.
Image by: Freepik
Sources: NJI, Quest, Hersenstichting, Mijngezondheidsgids, APA, Brown University, VZinfo, Henry Ford Health, Historiek, GGZTotaal, Tijdschrift voor Psychiatrie, CHADD, Medisch Contact
DIT IS FRIEQUE
FRIEQUE is een nieuw platform, magazine en community voor iedereen die trots is anders te zijn. We geven niet om clout: wij doen wat we doen omdat het juist is en omdat we de wereld een stukje beter willen maken.
Check this out
- 00Days
- 00Hours
- 00Minutes
- 00Seconds