*** MIS HET NIET *** MIS het niet​
*** MIS HET NIET *** MIS het niet​

HUmanitaire crisis in Congo: dit is hoe de wereld de DRC verwoeste

Begin dit jaar nam het geweld in de Democratische Republiek Congo toe. Maar er is al langer sprake van een humanitaire crisis in Congo. Wij doken in de geschiedenis van hoe dit Afrikaanse land verwoest werd.

Trigger warning: geweld, moord, uitbuiting, marteling, extreem seksueel geweld

Voor veel mensen verscheen de humanitaire crisis in Congo pas dit jaar op de radar toen een groep rebellen twee van de grootste steden in het oosten van het land veroverde. Er kwamen steeds meer verhalen naar buiten van oorlogsmisdaden en mensenrechtenschendingen die in de Democratische Republiek Congo werden gepleegd tegen de bevolking.

Maar internationale hulporganisaties hebben het al veel langer over de DRC. Want de humanitaire crisis in Congo is niet nieuw; de Congolese bevolking leeft al decennia lang in extreme armoede en hongersnood. En dat heeft niet alleen te maken met de smartphones en andere elektrische apparaten die wij gebruiken.

We duiken in de geschiedenis van de DRC en vertellen je hoe de humanitaire crisis in Congo precies ontstaan is. En welke landen hierbij betrokken zijn. Maar ook wat jij kunt doen om te helpen.

Er was niet altijd een HUmanitaire crisis in congo

We beginnen de geschiedenis van deze humanitaire crisis bij – jawel – het kolonialisme. Voor 1884 heette het gebied rond de rivier Kongo ‘Koninkrijk Kongo’. En dit gebied was groot: het bestond uit gebieden in Angola, de huidige DRC en de Republiek Congo.

Dit gebied was al aangetast door de westerse leiders; de Trans-Atlantische slavenhandel had veel geweld en ellende naar het continent gebracht. Ook voor de komst van de Europeanen werd het land al uitgebuit voor haar grondstoffen.

Maar de Afrikaanse leiders voerden ook handel met het westen. Toen Portugal in de 15e eeuw naar Congo kwam werden er door de Kongolese koningen verdragen gesloten. En hoewel de relaties met de Europese leiders niet zonder conflict verliepen, was het land niet zo weerloos als onze westerse kijk op kolonisatie het soms doet lijken. Het Afrika Museum schrijft: “Tot de jaren 1880 kochten Europese handelaren hun goederen dus voornamelijk langs de kust en aan de monding van de Congo rivier, onder omstandigheden die grotendeels door Afrikanen werden bepaald”.

Er was een duidelijke infrastructuur voor handel in het gebied en geen ‘ongerepte jungle’ die ‘getemd’ of ‘ontdekt’ moest worden. Het land hing niet samen van individuele stammen; ook in die tijd was er in Afrika sprake van sterke politieke en economische structuren. De BBC schrijft over Congo vóór de tijd van de Europeanen: “Het was verfijnd, had zijn eigen aristocratie en een indrukwekkend ambtenarenapparaat.” 

 

De komst van de Portugezen zorgde vooral aan de mond van de rivier Kongo voor veel problemen en ontwrichting. Maar de echte koloniale horror – en de basis van het huidige conflict – begon met koning Leopold II van België. 

Leopold II: de start van de verwoesting

België was in 1830 net onafhankelijk geworden van Nederland en dus nog een relatief kleine speler op het wereldtoneel. Toen Leopold in 1865 koning werd, had hij grote plannen voor het land. Een van zijn jongensdromen (ja, echt) was om een eigen kolonie te bezitten; iets wat in die tijd toch wel een teken van status was. Leopold wilde zorgen dat België een grootmacht werd en een kolonie kon daar alleen maar aan bijdragen. 

 

Toen hij hoorde over het gebied Kongo en de rijkdommen die daar te vinden waren, begon hij te plannen. Hij vertelde iedereen dat hij een “nobel” doel had: hij wilde naar Congo om het volk daar ‘beschaafd’ te maken. Hij wilde ze “redden” van de gruwelijkheden van de slavernij en verpakte het als een humanitaire missie.

Om de leugen compleet te maken richtte Leopold de Association Internationale Africaine (AIA) op. Ook wel de Internationale Vereniging voor de Verkenning en Beschaving van Midden-Afrika. Het doel van de vereniging was het ontdekken en ‘civiliseren’ van Midden-Afrika. Hiermee overtuigde hij de rest van Europa. In 1884 kreeg Leopold met de hulp van zijn diplomaten twee miljoen vierkante meter land in handen. Niet als onderdeel van het Belgische koninkrijk, maar als zijn persoonlijk eigendom. Hij noemde het Kongo-Vrijstaat.

 

Leopold zorgde ervoor dat iedereen handel mocht blijven drijven in het gebied. Zo konden de natuurlijke grondstoffen – waar het gebied vol mee zat – uitgebuit worden. Op dat moment was de auto-industrie in opkomst en Congo zat vol met rubber. Maar ook ivoor en andere grondstoffen werden door Leopold uitgebuit. Het gebied werd vooral heel interessant voor investeerders toen goud en koper ontdekt werden.

 

Leopold deelde grond uit aan bedrijven die zelf grondstoffen mochten komen delven. En voor de wegen en spoorlijnen die hiervoor aangelegd moesten worden schakelde Leopold de Congolezen in.

Trigger warning: in de volgende paragrafen beschrijven we het extreme geweld tegen Zwarte mensen in Congo. Dit doen we om weer te geven hoe heftig het regime van Leopold II was en hoe de mensen in Congo hierdoor gevormd werden. Mocht je dit niet willen lezen, klik dan HIER. Dan brengen wij je naar het volgende kopje.

De humanitaire crisis in congo door Leopold II

Leopold’s witte diplomaten trokken door Kongo-Vrijstaat om ‘vriendschapscontracten’ te sluiten met de Afrikaanse leiders. Deze Afrikaanse leiders tekenden contracten (onder valse voorwendselen) en stemden daarmee toe dat Leopold het volk mocht overheersen en hen mocht dwingen om voor hem te werken.

Wat volgde was een periode van verschrikkelijke uitbuiting die zo ver ging dat zelfs andere koloniale grootmachten commentaar hadden. Om te zorgen dat de Congolezen hun werk deden lieten de witte vertegenwoordigers in het gebied de families van Congolese mannen ontvoeren. Om hun gezin vrij te krijgen moesten zij het onrealistische werkquota halen.

De ‘orde’ werd bewaard door de Force Publique; het privéleger van Leopold dat bestond uit Afrikaanse soldaten onder leiding van Europese officieren. Dit leger terroriseerde de Kongo-Vrijstaat. Ze staken dorpen in brand en hakten de handen van Congolezen – waaronder kinderen – af om ze zo te zorgen dat ze zich onderwierpen. Martelingen, onthoofdingen en amputaties kwamen dagelijks voor. Kinderen werden ontvoerd en moesten in ‘kinderkolonies’ werken. Of ze werden opgeleid tot soldaten.

Wat er in Kongo-Vrijstaat gebeurde wordt een van de grootste koloniale misdaden uit de geschiedenis genoemd. Historici weten nog steeds niet zeker wat het precieze aantal is, maar er wordt geschat dat tijdens Leopold’s regime tussen de twee tot vijf miljoen Congolezen zijn vermoord. Sommige bronnen hebben het over 15 miljoen. Anderen stellen dat de helft van de bevolking van Kongo-Vrijstaat door Leopold werd vermoord.

de uitbuiting van congolese inwoners in Brussel

Het gruwelijke bewind van Leopold trok de aandacht van journalisten, missionarissen en van Europese politici van landen die zelf ook niet vies waren van koloniaal geweld. En dat betekende dat Leopold zijn imago op moest frissen. Dit probeerde hij in 1897 tijdens de wereldtentoonstelling in Brussel. Deze tentoonstellingen waren een manier voor landen om zichzelf te presenteren en te laten zien hoe goed ze het deden op het gebied van economische, sociale, culturele en technologische ontwikkelingen.

Dat was volgens Leopold een goed moment om zijn Kongo-Vrijstaat te presenteren. Hij maakte een speciale ‘Kongo-afdeling‘ en bouwde daarvoor het Afrikapaleis (toen Koloniënpaleis) dat opgezet werd als museum. Mensen konden hier opgezette dieren, voedingsmiddelen, grondstoffen en artistieke voorwerpen uit Kongo bekijken. Om het Afrikapaleis heen waren vier dorpen gebouwd die onderdeel waren van de expositie.

Leopold liet Congolese inwoners gedwongen overkomen per schip; een tocht die twee van de Congolese inwoners niet overleefden. 267 Congolezen werden in deze dorpen “tentoongesteld” met een bordje ernaast dat zei: ‘Verboden te Voeren’. Deze tentoonstelling moest investeerders en de Belgische bevolking laten zien dat het koloniale project Kongo-Vrijstaat waarde had. Maar het moest ook laten zien dat wat Leopold in Kongo deed ‘moreel juist’ was.

De tentoonstelling trok meer dan een miljoen bezoekers en duurde zeven maanden. Zeven Congolezen overleefden de tentoonstelling niet. Hun namen – voor zover bekend – zijn: Sambo, Mpemba, Ngemba, Ekia, Nzau, Kitukwa en Mibange. Ze liggen pas sinds 1953 begraven op de binnenplaats van de katholieke Sint-Jan-Evangelistkerk in Tervuren. Elk jaar worden zij herdacht.

 

De dorpen in Tervuren waren niet de eerste en enige exposities in die tijd waarin Zwarte mensen op zo’n onmenselijke manier werden gebruikt.

einde van de eerste humanitaire crisis in congo

Ondanks het succes van de wereldtentoonstelling bleef de kritiek op Leopold aanhouden. Hij werd van verschillende kanten beschuldigd van mensenrechtenschendingen. Zelfs door mensen die voor hem werkten.

Idesbald Goddeeri vertelde in een editie van HBvLPLus: “Hij [Leopold] stelde zelf een onderzoekscommissie in waarvan hij de mensen zelf benoemde. Zelfs die commissie kwam tot de conclusie dat er wandaden gebeurd waren.”

Vanwege alle gruwelijkheden besloot de Belgische regering om in 1908 eindelijk het land van Leopold over te nemen – gedwongen. Zo veranderde de Kongo-Vrijstaat in Belgisch-Congo.

Leopold zelf is trouwens nooit in Congo geweest.

Congolese onderdrukking onder de Belgen

Maar de schade van Leopold’s tirannie in Congo was groot en had grote gevolgen voor de toekomst. De komst van de Belgen maakte dit niet beter. Zij hielden de Congolese bevolking klein en bleven politieke controle uitoefenen. België werkte hard om de Congolezen ‘westerse moralen’ aan te leren. Maar er werd ze geen enkele politieke vorming of sociale verantwoordelijkheid aangeleerd. Dit werd gedaan om opstanden onder het volk in Congo te voorkomen.

Peter Verlinden, de Congospecialist van VRT NWS vertelt: “Tot in de kleinste dorpen worden scholen, ziekenhuizen en kerken gebouwd en moeten de Congolezen leren leven ‘zoals de Belgen’. Maar de gekoloniseerde Congolezen blijven tweederangsburgers in hun eigen land.” Een land dat net meer dan twintig jaar geterroriseerd was, werd nu alsnog compleet afhankelijk van het kolonialisme – en België – gehouden.

En hoewel de komst van de Belgen goede kanten had, was de overname door België voor de Congolese bevolking niet per se een vooruitgang. Idesbald Goddeeris: “Dingen veranderen toch ten goede, ook al bleven racisme, segregatie en dwangarbeid bestaan.” Guy Vanthemsche, hoogleraar geschiedenis, voegt hier in een editie van HBvLPLus aan toe: “Congo werd toen voorgesteld als modelkolonie.” 

België wilde de kolonie neerzetten als een “paradijs” van welvaart; “Zwart Europa“. Met groeiende industrieën, een sterke economie en een goede infrastructuur. Maar ook mét Zwarte onderdrukking.

de opkomst van Het congolese nationalisme

Beide Wereldoorlogen waren heel ingrijpend geweest voor de bevolking in Congo. Het land leverde grondstoffen voor onder andere de productie van atoombommen, en de Force Publique werd ingezet om te vechten voor de Belgen. De eisen van de Britse koloniale heersers waren hoog. Dit zorgde ervoor dat het volk in opstand kwam.

Er was vooral onrust onder de zogenaamde ‘évolués‘; Afrikaanse inwoners van de koloniën die voldoende “geëuropeaniseerd” waren om meer rechten te krijgen. Het Congolees nationalisme begon vorm begon te krijgen onder deze inwoners. In 1955 publiceerde de Belgische jurist Anton A. Jozef, gespecialiseerd in de kolonie Congo, zijn ‘Plan Van Bilsen’. Daarin stond een “dertigjarenplan voor de emancipatie van Belgisch Afrika”. Dit idee van onafhankelijkheid riep bij de nationalisten veel enthousiasme op.

De Alliance des Bakongo (ABAKO), een Congolese politieke partij die tegen de Belgische heerschappij was, publiceerde in 1956 een manifest. Zij wilden vandaag nog onafhankelijkheid. Het nationalisme verspreidde zich snel. Een van de nationalistische partijen, die opgericht werd door onder andere Patrice Lumumba, was de Mouvement National Congolais (MNC). 

 

In 1959 braken er anti-Europese protesten uit in Léopoldville, de hoofdstad van Congo. En uiteindelijk moesten de Belgen wel toegeven dat de beste optie zou zijn om Congo onafhankelijkheid te geven. Congo stond zo vijandig tegenover België dat een ontmoeting tussen de nationalisten en de Belgische overheid in 1960 uitliep op directe dekolonisatie. Zes maanden later was Congo onafhankelijk; het land heette vanaf dat moment Republiek Congo en de hoofdstad Léopoldville werd Kinshasa.

Direct daarna begon de Congo Crisis.

België blijft onrust veroorzaken in vrij congo

Een paar dagen nadat Congo onafhankelijk was verklaard begon de Force Publique, een leger met alleen witte officieren en Zwarte soldaten, met muiterij. De reden was een speech van een Belgische generaal die zei dat de status van de Zwarte soldaten nooit zou veranderen. Ook niet na de onafhankelijkheid. Dit zorgde voor angst en boosheid bij de Zwarte soldaten. Om de Europese bevolking in Congo te beschermen stuurde België ongevraagd troepen naar Congo. Hiermee overtraden ze de regels van de net vastgestelde onafhankelijkheid.

Ondertussen kon de overheid het niet eens worden over wie eigenlijk de leiding had. Patrice Lumumba en zijn MNC hadden de eerste verkiezingen in Congo gewonnen maar het lukte ze niet om een coalitie te vormen. De ABAKO van Joseph Kasavubu had hetzelfde probleem en uiteindelijk besloten ze samen te werken. Dat leidde uiteindelijk tot twee partijen die beide claimden de enige overheid te zijn.

De onafhankelijkheid zorgde ook voor een flinke klap op economisch gebied. België had de winstgevende bedrijven die zich tijdens de tijd van Leopold II in Congo hadden gevestigd vlak voor de onafhankelijkheid gevraagd of zij hun hoofdkantoor naar België wilde verplaatsen. En veel bedrijven kozen ervoor om dit te doen. Hierdoor kwamen belastingen en royalty’s van deze bedrijven alsnog in handen van België en bleef Congo met lege handen zitten.

 

België had het land nog een extra financiële trap na gegeven: de Belgen  kreeg aandelen van de vele winstgevende bedrijven die zich hadden gevestigd in Kongo-Vrijstaat. Bedrijven die miljoenen winst maakten in Congo. Veel van deze bedrijven werden samengebracht onder een vennootschap: het Comité Spécial du Katanga (CSK). De aandelen van die bedrijven werden in de ‘Koloniale Portefeuille’ gestopt die in handen was van de Belgische koloniale administratie. 


De kostbare koloniale portefeuille – met daarin de aandelen van dit vennootschap – zou na de onafhankelijkheid overgedragen worden aan de regering van Congo. Maar drie dagen voor de onafhankelijkheid werd het CSK opeens ontbonden. En dat betekende dat de aandelen van de grootste – en rijkste – bedrijven niet werden overgedragen aan Congo. 

Hoe Congo in een dictatuur veranderde

Een groot deel van de aandelen werden aan Katanga gegeven; de rijkste provincie van Congo. En die had zichzelf met de steun van België onafhankelijk verklaard. Dit zorgde voor beschuldigingen dat België alsnog probeerde om de Republiek Congo weer onder hun controle te krijgen. Er ontstond strijd tussen Katanga en de rest van Congo.

De beide presidenten van Congo probeerden het conflict tussen Katanga en Congo en de muiterij van de Force Publique op te lossen. Een van de presidenten van Congo vroeg de VN om hulp. De andere president vroeg de Sovjet-Unie voor militaire steun. De betrokkenheid van de Sovjet-Unie zorgde ervoor dat beide presidenten recht tegenover elkaar kwamen te staan. Dat was het moment dat Lumumba’s belangrijkste militaire adviseur, Mobutu, een staatsgreep pleegde.

Hij stuurde de Sovjet-Unie weg uit Congo en hij stopte – met de hulp van de VN – de bewegingen die voor de onafhankelijkheid van verschillende provincies vochten. Er volgden verschillende opstanden, burgeroorlogen en meer politieke onrust. Tot Joseph-Désiré Mobutu in 1965 opnieuw een staatsgreep pleegde, de naam van het land in 1971 in ‘Zaïre’ veranderde en de volgende jaren als dictator heerste. 

 

Mobutu’s regering was instabiel en zat vol met corruptie. Het was dan ook niet verrassend dat Mobutu’s dictatuur in 1997 tot een gewelddadig einde kwam. 

De genocide in rwanda en de humanitaire crisis in congo

Mobutu’s ondergang begon een aantal jaren eerder met een gebeurtenis die Congo nog jaren daarna zou tekenen. In 1993-’94 liepen de spanningen tussen de Hutu’s en de Tutsi’s in buurland Rwanda uit op een genocide. De Hutu’s voerden 100 dagen lang een systematische aanval uit op de Tutsi’s om ze zo compleet uit te roeien. Uiteindelijk lukte het de Tutsi’s om deze genocide te stoppen door de macht te grijpen in Rwanda. Dit zorgde ervoor dat meer dan twee miljoen inwoners naar het oosten van Zaïre vluchtten. Waaronder Hutu’s en Tutsi’s. Hierdoor liepen de  spanningen in het oosten op.

President Mobutu probeerde zijn relatie met België, Frankrijk en de VS te verbeteren. Dit deed hij door de Hutu’s te steunen die ook door België en Frankrijk gesteund werden. De president moedigde aanvallen op Zaïrezen van Rwandese Tutsi-afkomst dan ook aan. Er ontstonden conflicten tussen verschillende etnische groepen wat weer leidde tot instorting van de lokale infrastructuur. De bevolking en de vluchtelingen uit Rwanda hadden op dat moment te maken met extreme honger en ziekte.

De steun van de president aan de Hutu’s zorgde ervoor dat de overheid van Rwanda en de Tutsi’s in Congo zich aansloten bij Mobutu’s politieke tegenstander: Laurent Kabila. Kabila’s rebellen, gesteund door Rwanda, namen langzaam het land over in de Eerste Congolese Burgeroorlog. In 1997 nam Kaliba’s Alliance des Forces Démocratiques pour la Libération du Congo-Zaïre (AFDL) de hoofdstad over. Mobutu werd afgezet en Kabila werd president. Zaïre werd de Democratische Republiek Congo (DRC).

Ondertussen nam de vraag naar mobiele telefoons in het westen toe. De productie ging van 60 miljoen naar 250 miljoen. En dat betekende dat er meer coltan nodig was; een grondstof die vooral in het oosten van Congo te vinden is.

 

De internationale interesse in Congo nam toe.

Humanitaire crisis in congo: twee oorlogen op rij

De economie in het land was compleet verwoest. De Eerste Congolese Burgeroorlog had ervoor gezorgd dat miljoenen mensen ontheemd waren geraakt en de infrastructuur verwoest. Mensen waren ondervoed en ziek. Laurent Kabila zorgde na zijn overwinning voor internationale humanitaire hulp. En het lukte hem om de economie een klein beetje herstellen. Ook werd er een nieuwe grondwet opgesteld en het leek even de goede kant op te gaan in de DRC.

Maar uiteindelijk bleek dat ook Laurent een tiran was. Hij accepteerde geen tegenspraak, verbood politieke partijen en demonstraties, en schond mensenrechten. In 1998 kwamen er steeds meer opstanden in het oosten. Dit leidde tot de Tweede Congolese Burgeroorlog: een oorlog die vijf jaar zou duren. Verschillende Afrikaanse landen waren betrokken bij de oorlog; Oeganda en Rwanda steunden de rebellen terwijl Angola, Namibië en Zimbabwe president Laurent Kabila steunden.

De Verenigde Naties grepen uiteindelijk in met een vredesakkoord: het Lusaka-akkoord. Alle partijen tekenden maar het geweld bleef doorgaan. Er braken meer burgeroorlogen uit waarbij verschillende partijen onder andere streden om de waardevolle grondstoffen in het oosten. Daar waren diamanten, coltan, goud en wolframiet te vinden. En het illegaal exploiteren van deze grondstoffen kon voor enorme winst zorgen. Maar ook de buurlanden die meevochten in de oorlog wilden deze grondstoffen graag in handen krijgen.

Pas in 2003 werden er afspraken gemaakt voor vrede. Er zou een overgangsregering komen en een eerlijke verdeling van macht. De verschillende milities die betrokken waren bij de burgeroorlogen zouden een rol in het nieuwe nationale leger krijgen en er zou een nieuwe overgangsgrondwet komen. De Forces Armées de la République Démocratique du Congo (FARDC) werd opgericht mét de verschillende rebellengroepen als onderdeel van dat leger.

Aan het hoofd van de interim-regering stond de zoon van Laurent Kabila: Joseph Kabila. 

Humanitaire crisis in congo: constante conflicten

De beide oorlogen waren voorbij maar het land lag nog steeds in duigen. Meer dan drie miljoen mensen waren vermoord en de mensen die het wel hadden overleefd waren dakloos, uitgehongerd en ziek.

De economie was verwoest, de overheid was instabiel en Congo moest opnieuw opgebouwd worden. Maar er bestond nog steeds onrust in het oosten.

In 2004 was de controle van de regering over het land minimaal. Verschillende groepen milities bleven met elkaar vechten. Waaronder de Congrès National de Défense du Peuple (CNDP); een groep Tutsi’s die zeiden de minderheidsgroepen in het gebied te beschermen. En dan bedoelden ze voornamelijk tegen de Forces Démocratiques de Libération du Rwanda (FDLR); een groep Hutu’s die ook betrokken waren bij de genocide in Rwanda.

 

In 2008 werd een poging gedaan om een vredesverdrag te tekenen met meer dan 20 verschillende rebellengroepen. Maar dat was van korte duur. De strijd in het oosten bleef doorgaan: 80% van de grondstofrijke gebieden waren in handen van de gewapende groepen. Dit zorgde voor uitbuiting van de lokale bevolking – die voor niks moesten werken – en een constante dreiging van geweld.

De meest gewelddadige gewapende groep was de March 23 Movement (M23), een beweging die bestond uit voormalige CNPD soldaten die ontevreden waren over de samenvoeging met de FARDC. Met hulp van Oeganda en Rwanda kon de M23 een groot deel van het gebied in het oosten overnemen. De groep pleegde verschrikkelijke misdaden. De New York Times schreef in 2010 dat er in Congo elke minuut een vrouw verkracht werd. Duizenden mensen raakten ontheemd en internationale hulp kon het gebied niet in.

In 2013 viel de poging om Congo over te nemen uiteen en tekende de M23 een overeenkomst met de overheid. Inmiddels waren er ongeveer 5.4 miljoen mensen vermoord.

De wereld verhoogd de druk op Congo

De smartphone had ondertussen zijn intrede gedaan en de vraag naar mineralen nam toe. 20% van de wereldwijde levering van bepaalde mineralen kwam uit de DRC. Dit zorgde ervoor dat de conflicten in het oosten van Congo ook steeds groter werden.

In 2010 wordt de Dodd-Frank Act in de VS aangenomen. Deze wet stelt onder andere dat bedrijven openbaar moesten maken waar de mineralen die ze gebruikten voor de productie van hun producten vandaan kwamen. En dus ook of de mineralen conflict-vrij waren. Dit moest ervoor zorgen dat de rebellen en gewapende groepen in het oosten van Congo geen geld meer kregen voor de illegale handel in mineralen. In werkelijkheid zorgde de wet ervoor dat het geweld in het gebied juist erger werd. De illegale smokkel nam toe en het werd moeilijker voor de legitieme bedrijven om eerlijke zaken te doen met Congo.

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling kwam met een zelfde soort richtlijn. Ook de International Conference on the Great Lakes Region (ICGLR) stelde maatregelen in om de handel in conflictmineralen te voorkomen. Maar heel effectief waren deze maatregelen niet. De productie van smartphones werd vijf keer zo groot en elektrische auto’s en andere duurzame initiatieven hadden coltan en kobalt nodig.

 

De uitbuiting in de DRC werd erger. 

meer conflicten: Humanitaire crisis in congo gaat door

Ondertussen liepen politieke spanningen hoog op. Uiteindelijk werd Félix Tshisekedi verkozen als president van Congo. Hij nam harde maatregelen tegen de conflicten in het oosten. Hij verklaarde in 2021 een ‘staat van beleg’ waarbij hij een militair bewind installeerde in twee van de oostelijke provincies. Op dat moment waren er meer dan 13 miljoen Congolezen die humanitaire hulp nodig hadden en de voedselonzekerheid was groot.

De M23 begon aan het einde van 2021 met een nieuwe aanval om gebied te veroveren. Ze vochten tegen verschillende milities, tegen burgers en tegen huursoldaten van de overheid. In 2024 waren er in het oosten meer dan honderd gewapende groepen met elkaar in gevecht. Er werden verschillende oorlogsmisdaden gepleegd en mensenrechten werden geschonden.

M23 nam Rubaya over; een gebied met lucratieve mijnen en een van ’s wereld’s grootste bronnen van coltan. Op dat moment was de vraag naar kobalt groot door elektrische auto’s en de populariteit van verduurzaming

 

Inmiddels waren meer dan 7.2 miljoen mensen ontheemd geraakt en was er sprake van een humanitaire crisis in Congo. Hoewel er pogingen werden gedaan om vrede te sluiten liep dit op niets uit. 

De humanitaire crisis in congo in 2025

Begin dit jaar liep de situatie nog meer uit de hand. M23 veroverde twee grootste steden in het oosten: Goma en Bakavu. De overheid had de M23 inmiddels geclassificeerd als terroristische organisatie. De groep werd gesteund door Rwanda in de vorm van wapens en militaire hulp. 

 

De veroveringen van Goma en Bakavu leidden tot een massale exodus waarbij duizenden mensen moesten vluchten. De bevolking leeft in kampen die veel te vol zitten, en heeft te maken met een tekort aan voedsel. Ook neemt het seksuele geweld toe. In de kampen zijn de omstandigheden slecht en door de overbevolking en het gebrek aan hygiëne raken veel mensen besmet met dodelijke ziekten zoals mazelen, cholera en ebola. Ziekenhuizen kunnen het grote aantal gewonden niet meer aan. 

Save the Children schrijft dat bijna 4,5 miljoen kinderen te maken hebben met ondervoeding. Het gaat om een van de ergste humanitaire rampen in de wereld. Daarnaast voelt Congo de effecten van de klimaatcrisis; ze hebben te maken met droogtes en overstromingen die de situatie alleen maar erger maken.

Op papier is Congo een van de rijkste landen ter wereld; de mineralen in de DRC hebben een geschatte waarde van $24 biljoen. De rebellen verdienen volgens een schatting van de Verenigde Naties zo’n $800.000 per maand aan de mineralen. Maar de Congolese bevolking leeft in extreme armoede. De gewapende groepen en corrupte politici gaan er met de winst vandoor.

27 miljoen mensen in Congo hebben op dit moment hulp nodig. Dat is meer dan een kwart van de totale bevolking van het land.

Trigger warning: in deze paragraaf wordt extreem seksueel geweld besproken omdat het een onlosmakelijk onderdeel is van de crisis in Congo. Mocht je dit niet willen lezen, klik dan HIER. Dan brengen wij je naar de volgende paragraaf.

seksueel geweld als tactiek in congo

M23 maakt in deze crisis gebruik van een verschrikkelijk wapen: seksueel geweld. In de DRC is dit geen ‘bijproduct’ van oorlog (zoals dit in andere gebieden wel voorkomt) maar een tactiek die doelmatig en bewust ingezet wordt om mensen te onderdrukken.

Dit wordt Conflict-Related Sexual Violence (CRSV) genoemd; seksueel geweld dat specifiek gerelateerd is aan een bepaald conflict. Dit wordt gedaan door massale verkrachtingen in dorpen, door seksuele slavernij, gedwongen zwangerschappen en door mensenhandel.

De Panzi Foundation schrijft: “Milities en facties gebruiken massale verkrachtingen en seksueel geweld als oorlogswapens om gemeenschappen te terroriseren en te domineren, vooral in gebieden waar mijnbouwactiviteiten plaatsvinden. Het geweld is bedoeld om de geest van de bevolking te breken, zodat ze gemakkelijker kunnen worden uitgebuit voor arbeid en grondstoffen.”

Vrouwen en meisjes worden hier voornamelijk het slachtoffer van maar vaak wordt er geen verschil gemaakt op het gebied van gender, leeftijd of etniciteit. Ook mannen en jongens kunnen het slachtoffer worden van deze vorm van geweld.

Overlevenden worden vaak verstoten. Ze worden verlaten door hun partners of compleet buitengesloten door het dorp. En kinderen die door verkrachting verwekt zijn worden ook afgewezen. Dit zorgt ervoor dat gemeenschappen kwetsbaar worden en uit elkaar vallen. Maar de angst voor deze massale verkrachtingen zorgen er ook voor dat mensen op grote schaal hun huizen en dus de gebieden met mijnbouwactiviteiten verlaten.

In een reportage van The Guardian vertelt correspondent Carlos Mureithi dat de M23 door het zuidoosten van het land trekken terwijl soldaten van het Congolese leger op de vlucht slaan. Zij vertellen de bevolking: “We zijn op de vlucht voor M23. We zijn overweldigd, ze komen hierheen. Als je kunt, kun je het beste deze stad verlaten.”

Vredesonderhandelingen lopen op niets uit

M23 zei dat ze niet zouden stoppen tot ze Kinshana in bezit zouden hebben. En dat betekende dat de overheid die in Kinshana gevestigd is wel iets moest doen. In juni 2025 tekenden de presidenten van de DRC en Rwanda in samenwerking met de Verenigde Staten en Qatar een vredesdeal.

Deze deal moest ervoor zorgen dat Rwanda zich terug zou trekken uit Congo en dat het geweld in het land zou stoppen. Rwanda zou hun steun aan M23 beëindigen (Rwanda ontkent nog steeds betrokken te zijn bij M23) en de Congolese overheid zou stoppen met het steunen van de FDLR. De M23 was zelf niet aanwezig bij deze onderhandelingen.

Het zogeheten ‘Washington Accord’ werd al in de zomer getekend maar nu in november zijn de afspraken nog steeds niet geïmplementeerd. De FDLR bestaat nog steeds en de Congolese overheid kan geen vredesdeal met M23 voor elkaar krijgen. Beide blijven de voorwaarden van het Washington Accord breken.

Voor volgende week staat een meeting met Donald Trump gepland en wordt er een nieuw verdrag getekend. 

De humanitaire crisis in congo niet alleen door het westen

Het beeld wat in de media vaak naar voren komt is dat de problemen in de DRC vooral komen door westerse landen die uit zijn op de mineralen. Dit is niet helemaal waar.

Aziatische landen produceren elektrische apparaten op grote schaal en gebruiken daar mineralen voor uit de DRC. Congo wordt daarnaast uitgebuit door corruptie in het land. Politieke leiders worden ervan beschuldigd de strijd in het oosten niet effectief te hebben aangepakt omdat zij zelf belang zouden hebben bij de illegale winning van mineralen. Het oosten van Congo is bijna twee dagen rijden van de hoofdstad verwijderd en de bevolking in het oosten voelt zich dan ook vaak vergeten en genegeerd door de overheid.

Ook hebben buurlanden van Congo veel baat bij controle in het land. Oeganda viel tijdens de Eerste Congolese Burgeroorlog het land binnen om zo mineralen in handen te krijgen. 

Welke mineralen zijn er in congo te vinden?

De belangrijkste mineralen die in de DRC te vinden zijn en die dus voor een groot deel aan de basis liggen van dit conflict, zijn:

  • Kobalt: dit wordt gebruikt in lithium-batterijen die in laptops, smartphones en elektrische auto’s zitten.
  • Coltan: wordt gebruikt in soldeertin voor elektrische printplaten. Deze worden in alle elektrische apparaten gebruikt.
  • Lithium: gebruikt in lithium-batterijen voor laptops, smartphones en EV’s.
  • Koper: dit wordt gebruikt voor de infrastructuur van elektrische apparaten. Bijvoorbeeld voor bedrading.
  • Goud: in sieraden, elektronica en natuurlijk als financieel middel.
  • Industriële diamanten: voor snijgereedschap, boren en high-tech toepassingen.

De wereld is vooral afhankelijk van de DRC als het gaat om kobalt en coltan. De verdeling van al deze mineralen over het land kun je op DEZE kaart bekijken. 

de complexiteit van de crisis in congo

Maar de humanitaire crisis gaat niet alleen om mineralen. De FLDR, bestaande uit Hutu’s die verantwoordelijk waren voor de genocide in Rwanda, is nog steeds actief in Congo. De overheid in Rwanda viel Congo al twee keer binnen om – volgens hen – deze Hutu’s uit te schakelen.

Daarnaast is er sprake van etnische spanningen die veroorzaakt zijn door het kolonialisme. Amnesty International schrijft: “Net als veel andere Afrikaanse landen werden de grenzen ervan getrokken door Europese koloniale machten, waarbij diverse etnische groepen werden gegroepeerd zonder veel aandacht voor historische rivaliteiten.”

Zoals we hierboven hebben kunnen lezen, leeft de bevolking in het land al heel lang in extreme armoede. Armel Nganzi, een Congolese onderzoeker van de ngo IMPACT, vertelt One World: “Zonder het geld van de mijnbouw zou er geen groei van het geweld zijn. Maar de conflicten begonnen niet vanwege mineralen. Wel door het gebrek aan economische ontwikkeling, ver vóór de Eerste Congo-oorlog in 1996 begon.”

Dat gebrek aan economische groei is terug te leiden naar het kolonialisme. Toen Leopold II het land compleet verwoeste, de Congolezen uitbuitte en ze compleet afhankelijk maakte van Europa. Iets wat België vervolgens voortzette. Congo verdiende onafhankelijkheid maar het kolonialisme had de bevolking ontwricht, afhankelijk gemaakt en het land leeggeroofd. En dat is mede te danken aan het verraad van de Belgen tijdens de onderhandelingen voor onafhankelijkheid.

Wanneer een land economisch instort, al helemaal als dit jaren volhoudt, leidt dit tot onrust en conflicten. Veel Congolezen voelden zich door de slechte omstandigheden in het land genoodzaakt om zich aan te sluiten bij gewapende groepen. Dat zorgde uiteindelijk voor verdere ontwrichting van het land.

België heeft inmiddels “diepe spijt” geuit aan de DRC voor wat er in de tijd van Leopold II gebeurd is. Maar echte excuses – met bijvoorbeeld herstelbetalingen – zijn er nog niet geweest.

Onze tech draagt bij aan de humanitaire crisis in Congo

Een kleine aanpassing die jij kunt maken is zorgen dat je alleen ‘eerlijke’ telefoons en laptops koopt. Zo wordt de druk rond de conflictmineralen minder en kan dat mogelijk het geweld verminderen. Je kunt telefoons van gerecycled materiaal kopen of een tweedehands of refurbished model. Daarnaast kun je ook een telefoon kopen van een merk dat open en eerlijk is over waar de grondstoffen voor productie vandaan komen. Het vraagt iets meer research maar is voor een goed doel.


En wanneer je telefoon kapot gaat kun je ervoor kiezen om hem te laten repareren. Als je zelf nog oude telefoons hebt liggen waar je al jaren niets meer mee doet, lever die dan in om ze te laten recyclen. Op die manier kunnen de mineralen uit deze telefoons gehaald worden en gebruikt worden voor nieuwe apparaten.

Verschillende groepen hebben geprobeerd om bedrijven als AppleTesla en Microsoft aan te klagen voor hun betrokkenheid bij de gruwelijkheden in Congo die voor een deel veroorzaakt worden door de vraag naar mineralen van het westen. Hier is tot nu toe nog niets uit gekomen, maar het zijn pogingen om eerlijke handel te stimuleren. Wel is het belangrijk hierbij de geschiedenis in het oog te houden: niet elk initiatief helpt en sommige acties werken juist averechts (zei: Dodd-Frank Act).

Natuurlijk kun je ook direct geld geven om de situatie in Congo te verbeteren. Je kunt doneren aan goede doelen zoals het Rode KruisSave the Children of andere organisaties die proberen om een klein stukje veiligheid te creëeren in Congo. Ook kun je meedoen aan demonstraties om te zorgen dat de situatie in Congo niet onopgemerkt blijft.

Deel de hashtag #FreeCongoNow op social media en zorg ervoor dat Nederland niet meer weg kan kijken.

De EU draagt bij aan de humanitaire crisis in congo

Want ook Nederland speelt een rol in deze humanitaire crisis. Rwanda werkt namelijk samen met de Europese Unie. De EU en Rwanda zijn al jaren nauw bij elkaar betrokken en in 2024 sloot de EU een MoU over de handel van grondstoffen met Rwanda. Maar het is niet zeker of Rwanda die grondstoffen zelf heeft. De vraag is dan ook of die grondstoffen niet illegaal uit Congo gehaald worden.

Daarnaast zou de samenwerking van Rwanda met M23 genoeg reden moeten zijn voor de Europese Unie om het land sancties op te leggen. Hiermee maakt de Europese Unie zich namelijk medeplichtig aan de humanitaire crisis in Congo. In februari werd de EU al opgeroepen om te stoppen met deze samenwerking. Tot nu toe is hier nog niets mee gedaan.

Jij zou invloed uit kunnen oefenen door contact op te nemen met onze regering en op die manier te kunnen vragen om deze kwestie een prioriteit te maken. Je kunt ook contact opnemen met de EU om een klacht in te dienen.

Meer informatie over het verdrag vind je HIER.

humanitaire crisis in Congo of in congo?

We hebben het op dit moment over de Democratische Republiek Congo – ook wel DRC genoemd. Maar er is nog een Congo op het Afrikaanse continent te vinden: de Republiek Congo. Ook wel Congo-Brazzaville – vernoemd naar de hoofdstad (en een van de colonizers) – genoemd. Dit land ligt ten noordwesten van de DRC en maakte vroeger deel uit van de Franse koloniën.

In de 19e eeuw, toen de grote wereldmachten bezig waren met de kolonisatie van het continent Afrika, wilden Europese leiders elk hun eigen deel van het continent. Tijdens de Conferentie van Berlijn werd besloten hoe Afrika onder alle Europese landen verdeel zou worden. Dit wordt de ‘Scramble for Africa’ genoemd. Het Koninkrijk Kongo werd in tweeën gesplitst. De grens was de rivier Kongo waar beide koloniën naar vernoemd werden. Het linkerdeel ging naar Frankrijk en het grotere rechterdeel ging naar Leopold II.

In 1960 maakte de Franse kolonie zich los van Frankrijk en werd het onafhankelijk. Met als naam Republiek Congo. De twee Congo’s worden vaak door elkaar gehaald. Vooral omdat de Republiek Congo gewoon ‘Congo’ genoemd wordt en de Democratische Republiek Congo of Congo-Kinshasa – vernoemd naar de hoofdstad – vaak de DRC of DR Congo.

De Republiek Congo doet het op dit moment beter dan de DRC: minder politieke instabiliteit en conflicten. Maar het land is niet rijk en de mensen die er wonen leven in armoede. Volgens de World Food Programme heeft 33% van de bevolking last van voedselonzekerheid – een probleem dat sinds 2013 verdubbeld is.

Er is veel werkeloosheid en zo’n 80.000 vluchtelingen uit buurlanden zijn naar Congo gevlucht voor de situatie in hun eigen land. Inclusief vluchtelingen uit de DRC. 

Image by: Freepik

Source: National Geographic, HBvLPlus, VRT, WFP, Engelsberg Ideas, Culture Road, MO Magazine, Britannica, The Guardian, De Standaard, Wilson Quarterly, Hannah Arendt Instituut

Mis het niet – join FRieque
The party starts soon...
  • 00Days
  • 00Hours
  • 00Minutes
  • 00Seconds
Ontvang het laatste nieuws
Contact
Voor iedereen die trots is anders te zijn